Verbeeldings-
kracht

Natuurlijk
vernieuwend
onderwijs

Leer mij het
zelf doen

Spelen
en leren

Het ritme van
de jaarfeesten

Met aandacht

In groep 3-4 wordt er gewerkt met de verhalen uit en rijke beelden de rijke beelden uit de sprookjes van Grimm en de fabels. Menselijke  en sociale waarheden komen tot leven in de sprookjes. Goed en kwaad, heksen en prinsen, het loopt altijd goed af in de sprookjes van Grimm. Fabels en legenden zijn de rijke bronnen van de vertelstof voor groep 4. Fabels gaan over dieren die een menselijke eigenschap uitdrukken: de sluwe vos, de wijze uil, de driftige stier, de koppige ezel, de trotse haan, de trouwe hond, het goedige schaap. De sprookjes en fabels wisselen elkaar af binnen de periodes van het blokonderwijs.

Taal in groep 3

In twee taalperiodes worden de letters aangeleerd. Bij het schrijven gaat de leerkracht uit van letterbeelden die voortkomen uit de vertelstof. Zo ontstaat bijvoorbeeld de koningsletter ‘K’. Het schrijven is nauw verbonden met het spreken en luisteren, spraakoefeningen, kinderversjes en toneelspel ondersteunen dit. De motorische vaardigheden, nodig om te kunnen schrijven, worden gestimuleerd door het vormtekenen. Voor de kerstvakantie zijn alle letters en klanken aangeboden en kunnen de kinderen lezen.

De letters worden tot de kerstvakantie in blokschrift aangeleerd omdat deze linken aan de leesletters. Als de letters en klanken zijn aangeleerd, wordt na de kerstvakantie ook het schoonschrift aangeleerd.

Taal in groep 4

Met behulp van gedichtjes, ritmische oefeningen, reciteren en toneelspel worden het spreken ontwikkeld. Het leren schrijven sluit aan op wat de kinderen gehoord en zelf gesproken of gereciteerd hebben. Bij het schoonschrift is er veel aandacht voor het vormgeven van de letters en de verbindingen daartussen. De hoofdletter en de punt worden met de introductie van de zin aangeleerd en ook juist gebruik van interpunctie komt aan bod. Het technisch lezen wordt zowel zelfstandig als in groepjes geoefend, daarbij wordt voortgebouwd op hetgeen in de groep 3 is gestart.

In groep 3-4 wordt er bij het leren lezen en schrijven wordt gebruik gemaakt van de methode ‘Zo Leren Kinderen Lezen en Spellen’. Deze methode sluit uitstekend aan bij de wijze waarop wij het taalonderwijs aanbieden. Na de kerst gaan we naast de voorgenoemde methode, de TaalKast TaalDoen! van AVE-ik gebruiken. Deze methode komt uit het Montessori onderwijs en geeft de kinderen de mogelijkheid om zelfstandig en gedifferentieerd naar het eigen niveau te werken.

Rekenen in groep 3

In de rekenperiodes leren de kinderen rekenen vanuit begrip en door te doen, te ontdekken en vervolgens te automatiseren. Er wordt geteld, verdeeld en geordend met kastanjes, kralen en ballen, met handen en voeten, klappen en stampen. De getallenwereld tot de 100 wordt vanuit het bewegen, met materiaal en op de getallenlijn ondersteund. Bij het aanleren van rekenen met getallen gaan we uit van het geheel, om van daaruit naar de delen te kijken. Een getal kun je op verschillende manieren verdelen, er zijn meer goede oplossingen: 12 = 6 + 6 of 7 + 5 of 3 x 4 of… Vanuit deze verschillende manieren van verdelen, leren de kinderen de hoofdbewerkingen optellen, aftrekken, verdubbelen, verdelen en splitsen kennen.

Rekenen in groep 4

De kinderen leren zich vrij te bewegen met de getallen, door middel van de vier hoofdbewerkingen. Ook worden de tafels van 1 t/m 5 ontdekt door eerst rijen te maken. Getallen tot 100 worden verdeeld en verhaalsommen worden geïntroduceerd. In groep 4 wordt ook gestart met het oefenen van klokkijken en tijd.

In groep 3-4 werken we met de Rekenkast Ik wil Rekenen! van AVE-ik gebruiken. Deze methode komt uit het Montessori onderwijs en geeft de kinderen de mogelijkheid om zelfstandig en gedifferentieerd naar het eigen niveau te werken.

Heemkunde

Twee periodes heemkunde stimuleren de kinderen tot een bewustere en fantasievollere verbinding met de eigen omgeving. De aandacht in groep 3- 4 voor planten, dieren en jaargetijden wordt gewekt. Het gaat hierbij om de beleving van de directe leefomgeving van de kinderen. De onderlinge samenhang en eigen waarneming krijgen nadruk.